Dan Brown doet weer waar hij goed in is: een razendsnel verhaal bouwen op het snijvlak van religie, wetenschap en macht. The Secret of Secrets is zijn nieuwste thriller en voelt meteen vertrouwd. Robert Langdon is terug. Codes, symboliek, verborgen genootschappen, tikkende klokken. De Dan Brown-bingo is weer compleet. En ja, dat bedoel ik zowel positief als licht kritisch.

Het verhaal

Zonder te spoileren: Brown zoomt dit keer in op een thema dat actueler is dan ooit. Kennis. Wie bezit haar? Wie mag haar gebruiken? En wat gebeurt er als een eeuwenoud geheim ineens te dicht bij de waarheid komt? Het decor wisselt razendsnel van iconische locaties naar afgesloten ruimtes waar ideeën gevaarlijker zijn dan wapens.

De plot is strak georkestreerd. Korte hoofdstukken, cliffhangers op elke hoek, weinig ruimte om even adem te halen. Je leest door. Niet omdat de zinnen zo mooi zijn, maar omdat je wil weten hoe het afloopt. Dat is Browns superkracht.

Stijl en tempo

Literair? Nee. Effectief? Absoluut.

Brown schrijft functioneel. Elk hoofdstuk is een zet vooruit. Personages zijn soms meer dragers van ideeën dan echte mensen van vlees en bloed, maar dat neem je voor lief. Dit is geen roman om zinnen te onderstrepen. Dit is een boek dat je meeneemt in een gecontroleerde achtbaan.

Wat hem dit keer goed afgaat, is de koppeling met hedendaagse technologie en ethiek. Het voelt minder vergezocht dan sommige eerdere boeken. Minder “oh ja hoor” en meer “hmm… dat is ongemakkelijk dichtbij”.

Minpunten

Als je Brown vaker leest, herken je de patronen. De twist, de tegenstander, de structuur. Verrassend is het daardoor niet altijd. En soms is de uitleg net iets te schools. Alsof hij je niet helemaal vertrouwt om zelf mee te denken.

Oordeel

The Secret of Secrets is precies wat je van Dan Brown verwacht – en dat is tegelijk zijn kracht en zijn beperking. Het boek is spannend, slim genoeg om interessant te blijven en actueel genoeg om na te sudderen. Geen meesterwerk, wel een verdomd goede pageturner.

Eindoordeel:

★★★★☆